Global menu

Our global pages

Close

Alternatieve wijzen van financiering; versoepeling van regelgeving; een eerste update

  • Netherlands
  • Banking and finance

27-02-2013

In het regeerakkoord is kenbaar gemaakt dat de regering nieuwe alternatieve financieringsvormen zoals kredietunies, crowdfunding en MKBobligaties zal ondersteunen via wegnemen van juridische belemmeringen, promotie en door de inzet van kennis en bestaande instrumenten.

In december 2012 heeft de Tweede Kamer de minister van Economische Zaken verzocht aan te geven op welke wijze aan dit voornemen invulling zal worden gegeven. De Minister heeft dat bij brief van 7 februari 2013 gedaan (1).

Het verzoek van de Tweede Kamer om uitwerking te geven aan voornoemde passage uit het regeerakkoord toont aan dat de Tweede Kamer het belang van alternatieve wijzen van financiering erkent.

De brief van de Minister stemt ons inziens weinig hoopvol, althans als het aankomst op het wegnemen van juridische belemmeringen. Kort samengevat biedt deze brief weinig tot geen suggesties ten aanzien van vereenvoudiging van regelgeving. Wat hoopvol stemt is dat er diverse onderzoeken lopen. Wij rekenen op een aanleiding voor een meer concrete update op korte termijn.

Er is min of meer consensus over het feit dat alternatieve financieringsvormen mogelijk een oplossing kunnen vormen als er knelpunten ontstaan op het gebied van bedrijfsfinanciering. In zijn brief geeft de Minister aan daar waar mogelijk en zinvol deze alternatieve financieringsvormen te willen faciliteren. Het kabinet staat positief tegenover het aanpakken van mogelijke knelpunten op dit gebied, zo bevestigt hij.

Uit onderzoek volgt dat (potentiële) aanbieders van alternatieve financieringsvormen (vooral) tegen de volgende knelpunten aanlopen:

(i) onbekendheid bij de groepen bedrijven waar men zich op richt;
(ii) regelgeving, met name wanneer het om innovatieve concepten gaat die bij het tot stand komen van die regelgeving niet bekend waren;
(iii) onvoldoende kennis van de markten waar nieuwe initiatieven zich op willen richten, omdat daarover geen of onvoldoende data beschikbaar zijn, alsmede onbekendheid met de ontwikkelingen in die markten; en
(iv) tenslotte kan vooral in de beginfase de nieuwheid en onzekerheid over het rendement, het voor deze alternatieven moeilijk maken om zelf aan voldoende financiering te komen.

Het kabinet wil de alternatieve financieringsvormen op 4 wijzen faciliteren, namelijk door (i) het wegnemen van belemmeringen in de regelgeving (ii) promotie, (iii) inzet van kennis en (iv) inzet van de bestaande instrumenten.

Wegnemen belemmeringen

Uitgangspunt van het financieel toezicht is een hoogwaardige bescherming van consumenten, spaarders en beleggers. Bij de opstart van alternatieve financieringsvormen komt de vraag aan de orde aan welke wet- en regelgeving voldaan dient te worden. De precieze vormgeving van een initiatief is hier van groot belang en het is op voorhand niet te zeggen of een crowdfundingsinitiatief bijvoorbeeld een vergunning nodig heeft onder de Wet op het financieel toezicht. Gesprekken tussen de initiatiefnemers, de overheid, de AFM en DNB zijn van belang om inzicht in juridische belemmeringen te krijgen en volgens de Minister hecht het kabinet er sterk aan om dergelijke gesprekken voort te zetten. Indien uit deze gesprekken (algemene) belemmeringen voortvloeien die niet gegrond zijn in de bescherming van consumenten, spaarders en beleggers, zal het kabinet bestuderen hoe deze belemmeringen het meest effectief kunnen worden weggenomen.

De Minister haalt aan dat ten aanzien van crowdfunding initiatieven een aantal aanbieders van de AFM op vrijwillige basis een vergunning of een verklaring dat hun activiteiten binnen de huidige wetgeving passen, hebben verkregen. Uit de brief volgt dat een onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken momenteel plaatsvindt naar de ontwikkelingen op het gebied van crowdfunding. De wet- en regelgeving zal in dit onderzoek ook aan de orde komen en wij zullen de ontwikkelingen op dit gebied dan ook blijven volgen.

Promotie

De Minister acht voorlichting over alternatieve financieringsvormen als wenselijk, nu onbekendheid vaak een belangrijke rem is op het gebruik hiervan. Hoewel dit in eerste instantie gedaan zal moeten worden door de aanbieders, erkend de Minister dat de overheid hier ook een rol in heeft. Acties op het gebied van promotie zullen worden voortgezet en uitgebreid. Als voorbeeld wordt aangehaald (i) steun aan ondernemerscongressen, (ii) aandacht via de ondernemerskredietdesk en (iii) steun aan stichting Qredits Mircofinanciering Nederland. Tevens volgt uit de brief dat het kabinet een Ondernemersplein zal introduceren om de dienstverlening aan ondernemers te verbeteren. Het Ondernemersplein zal bestaan uit een samenvoeging van de Kamers van Koophandel en het innovatiecentrum Syntens.

Inzet kennis

Bij inzet van kennis ten behoeve van nieuwe aanbieders van alternatieve financiering wordt onder andere aan de volgende mogelijkheden gedacht:

(i) het ministerie van Economische Zaken laat ieder half jaar een monitor uitvoeren ten aanzien van bedrijfsfinanciering en daarnaast kunnen incidenteel onderzoeken ondersteund worden;
(ii) bij de departementen van Financiën en Economische Zaken en gerelateerde organisaties is veel kennis en informatie aanwezig over de markt voor bedrijfsfinanciering. Waar mogelijk zal deze ter beschikking gesteld worden van (potentiële) aanbieders van alternatieve financiering;
(iii) voor toezichtgerelateerde vragen kunnen (potentiële) aanbieders altijd terecht bij de AFM en DNB; en
(iv) (potentiële) aanbieders kunnen altijd terecht bij de Innovation Room. Hier kunnen marktpartijen terecht om alternatieve financieringsvormen te laten toetsen op consequenties op het gebied van regelgeving en toezicht.

Inzet bestaande instrumenten

Tevens zullen bestaande instrument worden aangewend en opgesteld om nieuwe financiers op te zetten. De Minister gaf daarbij aan dat wel de eis geldt dat dit niet tot een hoger financieel beslag mag leiden voor de overheid. Ook is het verstrekken van opstartkredieten voor nieuwe initiatieven, uit het begrotingsartikel voor de stimulering van ondernemerschap, een mogelijkheid wanneer bestaande instrumenten onvoldoende soulaas bieden.

 

(1) Brief van de Minister van Economische zaken, TK 2012-2013, 32 637, nr. 49.