Global menu

Our global pages

Close

Amphia Ziekenhuis niet aanbestedingsplichtig

  • Netherlands
  • Corporate

05-02-2009

Het Hof Arnhem heeft op 18 november 2008 uitspraak gedaan in de Amphia-zaak. Centraal stond de vraag of het Amphia ziekenhuis als publiekrechtelijke instelling moet worden beschouwd. Het Hof Arnhem heeft besloten dat het Amphia Ziekenhuis niet als publiekrechtelijke instelling kwalificeert en op grond hiervan niet aanbestedingsplichtig is.

Publiekrechtelijke instelling

Het Amphia Ziekenhuis zou aanbestedings-plichtig zijn indien het zou voldoen aan de criteria van 'publiekrechtelijke instelling'. Een publiekrechtelijke instelling is een instelling:

  1. die is opgericht met het specifieke doel te voorzien in behoeften van algemeen belang, niet zijnde van industriële of commerciële aard;
  2. die rechtspersoonlijkheid bezit; en
  3. waarvan
    1. of de activiteiten in hoofdzaak door een aanbestedende dienst worden gefinancierd; of
    2. het beheer onderworpen is aan toezicht door een aanbestedende dienst; of
    3. de leden van het bestuur, het leidinggevend of het toezichthoudend orgaan voor meer dan de helft door een aanbestedende dienst zijn aangewezen.

Wat ging hieraan vooraf?

In 2004 heeft de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Breda (30-11-2004, LJN AR7227) een vonnis gewezen op grond waarvan het Amphia Ziekenhuis als 'publiekrechtelijke instelling' werd aangemerkt. De Voorzieningenrechter gelaste het ziekenhuis een Europese aanbestedingsprocedure te starten voor de levering van voedselverdeelwagens. De Voorzieningenrechter kwam tot deze conclusie omdat sprake zou zijn van overheidsfinanciering (criterium 3 a) en overheidstoezicht (criterium 3 c). Aangezien de financiering in de praktijk voor 60% uit ziekenfondspremies bestaat en een ziekenfonds is aan te merken als publiekrechtelijke instelling, nam de Voorzieningenrechter aan dat er sprake was van overheidsfinanciering. Daarnaast oordeelde de Voorzieningenrechter dat sprake was van overheidstoezicht, omdat de overheid door middel van diverse wettelijke regelingen toezicht op het beheer van het ziekenhuis zou houden. Het Hof Den Bosch (18-10-2005, LJN AU4635) bevestigde dit oordeel en voegde er aan toe dat, gelet op de statuten, het Amphia Ziekenhuis werd opgericht met het specifieke doel te voorzien in behoeften van algemeen belang. In de tweede plaats volgde volgens het Hof uit de omstandigheid dat het Amphia Ziekenhuis (nagenoeg) niet zelf de prijzen voor haar diensten kan vaststellen, maar daarvoor afhankelijk is van door het CTG vastgestelde tarieven, dat de behoeften van algemeen belang waarin het Amphia Ziekenhuis voorziet, anders zijn dan van commerciële aard.

De Hoge Raad (1 juni 2007 LJN AZ9872) oordeelde dat het Hof bij de beoordeling of sprake was van een algemeen belang anders dan van commerciële aard, ten onrechte geen rekening had gehouden met het feit dat ziekenhuizen met andere ziekenhuizen concurreren, worden aan-gestuurd op rendement, doelmatigheid en rentabiliteit en in toenemende mate exploitatierisico's dragen. Ook was er volgens de Hoge Raad geen sprake van overheidsfinanciering. Hiervan is op grond van de jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie namelijk alleen sprake als tegenover de vergoeding geen specifieke prestatie staat. Dit was bij het Amphia Ziekenhuis niet het geval. Tegenover de door de Ziekenfondswet verstrekte gelden stond namelijk wel een specifieke tegenprestatie, te weten zorg die zij krachtens gesloten overeenkomsten diende te verlenen. De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het Hof Den Bosch en verwees de zaak naar het Hof Arnhem.

Hof Arnhem

Bij het Hof Arnhem kwamen de volgende twee vragen aan de orde:

  1. voorziet het Amphia Ziekenhuis in behoeften van algemeen belang, anders dan van commerciële aard?
  2. worden de activiteiten van het Amphia Ziekenhuis in hoofdzaak door de overheid gefinancierd, ofwel is het beheer onderworpen aan het toezicht door de overheid, ofwel is er sprake van dat de leden van de directie, de raad van bestuur of de raad van toezicht voor meer dan de helft door de overheid aangewezen?

Het Hof beoordeelt eerst de tweede vraag. Amphia heeft aan de hand van de Wet ziekenhuisvoorzieningen, Wet bijzondere medische verrichtingen en de Wet tarieven gezondheidszorg aangegeven op welke wijze het toezicht op het beheer van het ziekenhuis wordt uitgevoerd. Volgens Amphia volgt uit deze wetgeving niet dat het beheer onderworpen is aan toezicht door de overheid, zoals bedoeld onder 2). Volgens wederpartij Sortrans was op grond van deze regelingen juist wel sprake van toezicht op het beheer.

Het Hof overweegt dat bij de beantwoording van de vraag in hoeverre het beheer dat Amphia voert onderworpen is aan, kort gezegd, overheidstoezicht, dient te worden beoordeeld of uit deze wettelijke regelingen een afhankelijkheid voortvloeit die tot een reële beïnvloeding van haar beleid, in het bijzonder met betrekking tot het plaatsen van opdrachten als de onderhavige (te weten die tot levering van voedselverdeel-wagens) zou kunnen leiden.

Volgens het Hof luidt het antwoord ontkennend. Het toezicht op het beheer van het Amphia Ziekenhuis heeft, gelet op de aangevoerde wettelijke regelingen, met name betrekking op toezicht op de bouw van een ziekenhuis, aanschaf van medische apparatuur en de budgettering van een ziekenhuis.

Het toezicht zoals dat door de overheid op Amphia wordt uitgeoefend strekt niet zover dat hiermee beslissende invloed wordt uitgeoefend op het beleid van Amphia inzake het verstrekken van opdrachten aan leveranciers van voedselverdeelwagens. De regelingen die voor ziekenhuizen gelden, geven volgens het Hof een kader waarbinnen zorginstellingen (met relatief veel beleidsvrijheid) het zorgaanbod moeten inrichten. De toezichtsbepalingen uit de diverse regelingen hebben betrekking op de gehele zorgsector en gelden niet alleen voor het Amphia Ziekenhuis, maar ook voor alle andere instellingen waarmee het Amphia Ziekenhuis bij de aanbieding van zorg moet concurreren.

Nu het antwoord van het Hof op de tweede vraag ontkennend luidt, komt het Hof aan bespreking van de eerste vraag, of het Amphia Ziekenhuis voorziet in behoeften van algemeen belang anders dan van commerciële aard, niet meer toe.

Conclusie

De conclusie van deze uitspraak is dat het Amphia Ziekenhuis niet voldoet aan de voorwaarden die worden gesteld aan het begrip publiekrechtelijke instelling en dat het om die reden niet aanbestedingsplichtig is. De uitspraak heeft alleen betrekking op het Amphia Ziekenhuis. Echter, ook andere ziekenhuizen en zorginstellingen die onder dezelfde wettelijke regelgeving vallen en op dezelfde wijze zijn gestructureerd als het Amphia Ziekenhuis, zijn waarschijnlijk niet aanbestedingsplichtig.

Het Hof Arnhem heeft in haar arrest beoordeeld of de overheid de beslissing van het Amphia Ziekenhuis ten aanzien van de opdracht tot aanschaf van voedselverdeel-wagens kon beïnvloeden. Het is onduidelijk of het Hof onderscheid heeft willen maken tussen opdrachten die het Amphia Ziekenhuis wel dient aan te besteden, en opdrachten die Amphia niet hoeft aan te besteden. Het maken van een dergelijk onderscheid is naar onze mening niet mogelijk en niet in lijn met de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie. Nu het Amphia Ziekenhuis volgens het Hof geen aanbestedende dienst is, hoeft het naar onze mening geen enkele opdracht aan te besteden.

Ook Minister Klink laat in zijn brief aan de Tweede Kamer van 26 januari 2009 weten dat het Hof de mogelijkheid open lijkt te laten dat andere opdrachten van het Amphia Ziekenhuis mogelijk wel moeten worden aanbesteed indien voldaan zou zijn aan het toezichtcriterium. Klink merkt daarbij op dat met het vervallen van het bouwregime per 1 januari 2008, geen sprake meer is van specifiek toezicht op de bouw van algemene ziekenhuizen. Voor deze opdrachten geldt dan ook geen aanbestedingsplicht.

Meer weten?

Uiteraard zijn wij graag bereid u nader te informeren over ontwikkelingen in het Aanbestedingsrecht.

Heeft u vragen of opmerkingen naar aanleiding van deze nieuwsbrief, wilt u van advies over de toepasselijkheid van het aanbestedingsrecht worden voorzien of wilt u gewoon eens vrijblijvend kennis met ons maken? Neem dan contact met ons op; wij staan u graag te woord. U kunt ons via de nevenstaande contactgegevens bereiken.

For more information contact

< Go back

Print Friendly and PDF
Subscribe to e-briefings