Global menu

Our global pages

Close

De tien voorwaarden voor een nieuw energiesysteem

  • Netherlands
  • Energy and infrastructure

12-03-2013

Uit het SER advies voor een Energieakkoord volgt dat internationale inkadering van groot belang is. Zo zijn de energie- en klimaatdoelstellingen stevig Europees verankerd. Alle partijen betrokken bij de totstandkoming van het Energieakkoord zouden het Europese beleid als vertrekpunt moeten nemen.

Het Europese beleid is gericht op een tijdig optreden om het energiesysteem zo om te vormen dat er sprake is van CO2-reductie, verbetering van voorzieningszekerheid en grotere concurrentiekracht ten bate van iedereen. Om dit nieuwe energiesysteem te realiseren, moet aan tien voorwaarden worden voldaan.

  1. Topprioriteit voor onverkorte tenuitvoerlegging van de Energie 2020-strategie van de EU. Alle EU wetgeving moet worden toegepast inzake met name energie-efficiëntie, infrastructuur en energiebelasting.
  2. Het energiesysteem en de hele maatschappij moeten er aanzienlijk energie-efficiënter op worden. De gemiddelde investeringskosten van het energiesysteem zullen aanmerkelijk stijgen. Het gaat hierbij om investeringen in energiecentrales en netwerken, in industriële energie¬apparatuur, verwarmings- en koelsystemen (waaronder stadsverwarming en -koeling), slimme meters, isolatiemateriaal, efficiëntere en koolstofarme voertuigen, apparatuur voor het benutten van lokale bronnen voor hernieuwbare energie (zonnewarmte en fotovoltaïsche energie), duurzame energieverbruikende goederen, enz. De maatschappij moet de komende jaren voorbereid zijn op en zich aanpassen aan hogere energietarieven. Kwetsbare klanten en energie-intensieve industrieën zullen tijdens de overgangsperiode mogelijk steun nodig hebben.
  3. Bijzondere aandacht voor de ontwikkeling van hernieuwbare energie. De snelheid waarmee deze worden ontwikkeld, het effect ervan op de markt en het snel groeiende aandeel ervan in de energievraag maken een modernisering van nationaal energiebeleid nodig. Een eerste uitdaging is de behoefte aan flexibele hulpbronnen in het elektriciteitssysteem (bv. flexibele productie, opslag, beheer van de vraag) aangezien steeds meer stroom afkomstig is uit fluctuerende hernieuwbare bronnen. De tweede uitdaging is het effect van deze vorm van stroomopwekking op de groothandelstarieven.
  4. Verhoogde publieke én particuliere investeringen inzake O&O en technologische innovatie zijn cruciaal voor het versnellen van de commerciële toepassing van hernieuwbare energie technologie.
  5. Structurele tekortkomingen en tekortkomingen in de regelgeving moeten worden opgelost ten gunste van goed opgezette marktstructuurinstrumenten en nieuwe manieren voor samenwerking die nieuwe investeringen aantrekken en de energiemix veranderen. Om duurzame stroomopwekking lokaal mogelijk te maken, moet het distributienet slimmer worden om in te kunnen spelen op fluctuerende elektriciteitsopwekking door gedecentraliseerde bronnen zoals met name fotovoltaïsche energie, maar ook om beter in te kunnen spelen op de fluctuerende vraag.
  6. De energieprijzen moeten beter zijn afgestemd op de kosten van met name nieuwe investeringen die in het gehele energiesysteem nodig zijn. Tarieven moeten in verhouding staan tot de kosten zodat de omschakeling op de lange termijn wordt bevorderd. CO2-heffingen kunnen als stimulans dienen voor de invoering van efficiënte, duurzame technologieën.
  7. Een nieuw besef van urgentie en collectieve verantwoordelijkheid moet tot uiting komen in de ontwikkeling van nieuwe energie-infrastructuur en opslagcapaciteit. Met de toename van fluctuerende gedecentraliseerde opwekking, slimme netten, nieuwe netwerkgebruikers (bv. elektrische voertuigen) en vraagrespons, neemt de behoefte aan een meer geïntegreerde visie op transmissie, distributie en opslag toe. Om duurzame stroom uit de Noordzee te kunnen winnen, zal heel wat extra infrastructuur nodig zijn.
  8. Voor zowel traditionele als nieuwe energiebronnen mag qua veiligheid en leveringszekerheid niets aan het toeval worden overgelaten. Voor een duurzame stroomopwekking en de integratie van hernieuwbare energiebronnen is flexibele gascapaciteit tegen concurrerende prijzen nodig. Als men wil dat gas een concurrerende brandstof voor de opwekking van elektriciteit blijft, moeten er flexibelere prijsformules worden ingevoerd waarbij wordt afgestapt van de zuivere koppeling van de gas aan de olieprijs.
  9. Een bredere en meer gecoördineerde Europese benadering voor de internationale betrekkingen op energiegebied moet de norm worden. Een gemeenschappelijke Europese aanpak kan helpen om de kosten te drukken.
  10. Overheden en investeerders hebben behoefte aan concrete mijlpalen. Na de 2020 doelstellingen is de volgende stap het bepalen van het beleidskader voor 2030. De energietarieven gaan wereldwijd omhoog. Het EU stappenplan toont aan dat de prijzen tot ongeveer 2030 weliswaar zullen stijgen, maar dat dankzij de nieuwe energiesystemen de prijzen daarna kunnen dalen.

For more information contact

< Go back

Print Friendly and PDF
Subscribe to e-briefings