Global menu

Our global pages

Close

Energietransitie vergt een andere rol van netbeheerders

  • Netherlands
  • Energy and infrastructure - Briefings

09-05-2011

De energietransitie vergt een andere, meer proactieve rol van de netbeheerders. Verduurzaming en decentralisering van energieopwekking zorgt ervoor dat er andere eisen aan de (bestaande) energie infrastructuur worden gesteld, die innovaties en forse investeringen vergen. Netbeheerders zijn graag betrokken bij de innovaties en veranderingen. De vraag is of ze dat ook mogen.

Eind maart 2011 heeft Netbeheer Nederland een rapport gepubliceerd, "Net voor de toekomst", waarin zij aangeeft dat er forse investeringen nodig zijn om de energienetten geschikt te maken voor de energietransitie. Door de hoge mate van onzekerheid rond het tempo en de vorm waarin de verduurzaming plaatsvindt, is het echter lastig te voorspellen waar en in welke mate deze investeringen moeten plaatsvinden. Afwachten kan er echter toe leiden dat aanpassingen op de energie-infrastructuur te laat worden gerealiseerd. Dit kan remmend werken op de energietransitie.

Netbeheer Nederland geeft in haar rapport aan dat de netbeheerders graag bereid zijn de dialoog aan te gaan met de politiek en de maatschappij over de rol die de energie-infrastructuren en netbeheerders hebben in de energietransitie. Ook zouden netbeheerders graag in een vroeg stadium willen participeren bij proefprojecten met innovatieve (duurzame) projecten.

Wij zien ook dat netbeheerders thans al een andere rol vervullen, aangezien netbeheerders zich steeds vaker mengen in de discussie over de wijze waarop bepaalde verduurzamingsvraagstukken moeten worden opgelost, bijvoorbeeld de plaatsing van oplaadpunten voor elektrische auto's. De netbeheerders innoveren op dat gebied behoorlijk en de vraag is hoe een en ander past binnen de wettelijke taak van de netbeheerders.

In november 2006 is de Wet Onafhankelijk Netbeheer ("WON") aangenomen. De WON bepaalt naast het groepsverbod (de splitsing van de commerciële leveringsbedrijven en de netwerkbedrijven) onder andere dat groepsmaatschappijen in een netwerkbedrijf geen handelingen of activiteiten mogen verrichten die strijdig zijn met belang van het netbeheer (verbod op nevenactiviteiten). Het verbod op nevenactiviteiten is neergelegd in artikel 17 Elektriciteitswet 1998 en artikel 10b Gaswet.

Strijdig zijn in het geval van de regionale netwerkbedrijven in ieder geval handelingen of activiteiten die niet op enigerlei wijze betrekking hebben op of verband houden met infrastructurele voorzieningen of aanverwante activiteiten. Ook geldt dat de netbeheerder geen zekerheden mag verstrekken voor de financiering van activiteiten van groepsmaatschappijen en zich niet aansprakelijk mag stellen voor schulden van groepsmaatschappijen. Uitgezonderd zijn de situaties waarin dit gebeurt voor handelingen of activiteiten die de netbeheerder zelf mag verrichten of wanneer het anderszins verband houdt met netbeheer of geschiedt om te voldoen aan voorwaarden in verband met de toepassing van wettelijke bepalingen.

Drie Nederlandse energiebedrijven (Delta, Eneco en Essent) hebben de rechtsgeldigheid van de WON met succes aangevochten. Op 22 juni 2010 heeft het Gerechtshof Den Haag geoordeeld dat het groepsverbod en het verbod op nevenactiviteiten onverbindend zijn wegens strijd met het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, voorheen het EG-Verdrag. De Nederlandse Staat is op 26 augustus 2010 in cassatie gegaan tegen deze uitspraken.

Zolang de Hoge Raad nog geen arrest heeft gewezen, is de WON ten aanzien het groepsverbod en het verbod op nevenactiviteiten onverbindend.

Dit neemt niet weg dat in het licht van de ratio van de WON betrokkenheid bij innovatieve, duurzame projecten van netbeheerders mogelijk is. De voorwaarden en structuur vergen maatwerk.

Wij zijn graag bereid u hierover nader te informeren en te adviseren.